Spring naar inhoud

Toegankelijkheidsopties:

Zwart-wit foto, grote groep mannen en vrouwen brengen de Hitlergroet, rechterarm schuin omhoog

Groep mensen doet Hitlergroet tijdens de boerenlanddag tegen het Bolsjewisme op 5 juli 1941 in Rolde. Fotograaf: D. Koper. Collectie Drents Archief.

Vrouwen in de oorlog

Introductie

De Tweede Wereldoorlog had een immense impact op Nederland, met vernietigende gevolgen voor de samenleving. Hoewel de rol van vrouwen tijdens de Tweede Wereldoorlog lang onderbelicht bleef, wordt er sinds een aantal jaren steeds meer onderzoek verricht naar vrouwen in de oorlog. Ook vrouwen namen actief deel aan het verzet, waren slachtoffer van vervolging of collaboreerden met de Duitse bezetter. In dit hoofdstuk lees je meer over vrouwen in het verzet, de Jodenvervolging en collaboratie. Daarnaast vind je overzichten van relevante archieven voor het doen van onderzoek en krijg je praktische tips over het vinden van verzetsvrouwen en vrouwen die collaboreerden met de Duitse bezetter. 

Voor de meeste onderwerpen is materiaal te vinden in het Drents Archief, maar voor uitgebreid onderzoek is het noodzakelijk om ook de collecties van het Nationaal Archief en Nederlandse Instituut voor Oorlogs-, Holocaust en Genocidestudies (NIOD) te raadplegen. Beide instellingen beheren namelijk een omvangrijke verzameling archiefstukken over de Tweede Wereldoorlog, waaronder ook archiefstukken over Drenthe. Daarnaast is de afgelopen jaren veel gedigitaliseerd op het gebied van de Tweede Wereldoorlog. In dit hoofdstuk vind je dan ook overzichten van betrouwbare websites die geraadpleegd kunnen worden voor verder onderzoek.  

Tip! Raadpleeg ook de algemene onderzoeksgids over de Tweede Wereldoorlog van het Drents Archief. De onderzoeksgids vind je hier.   

7.1 Vrouwen in het verzet

Na de Tweede Wereldoorlog was er nauwelijks aandacht voor de rol die vrouwen in het verzet speelden. Hun bijdrage in het verzet werd gezien als minder belangrijk en voornamelijk ondersteunend van aard. Maar niets is minder waar. Naast dat vrouwen cruciaal waren voor de logistieke kant van het verzet, zoals het verspreiden van informatie, koerierswerk en het regelen van onderduikadressen, namen ze ook deel aan het gewapend verzet.  

Portret Mientje Nip, zwart-wit foto
Mientje Nip, Beeldbank Stichting Historie van Ruinerwold

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Mientje Nip actief in het verzet in de Meppeller Knokploeg. Mientje raakte betrokken bij het verzet nadat ze Mimi had ontmoet, de verloofde van verzetsstrijder Peter van den Hurk. De jonge vrouwen hielpen onderduikers en piloten die uit de lucht waren geschoten, en brachten in het diepste geheim bonkaarten rond. Op 18 december 1944 werden Mientje, Mimi en andere leden van de knokploeg door de SD opgepakt en naar het politiebureau in Meppel gebracht. Een van de gevangenen was Peter, de verloofde van Mimi, die erin slaagde een briefje naar buiten te smokkelen. ‘Ome Hein’, de bijnaam van Jan Gunnink en leider van de Meppeller Knokploeg, zette hierop een bevrijdingsactie op touw. Op kerstavond werden de gevangenen bevrijd en de groep dook onder in de buurt van Ruinerwold. Mimi en Mientje overleefden beiden de oorlog, maar de gevolgen van de martelingen waren permanent. 

Het vinden van informatie over individuele verzetsmensen is lastig. Verzetsorganisaties hielden geen ledenlijsten bij. Daarnaast zijn er geen oprichtingsakten, notulen of andere administratieve documenten, die kunnen helpen met het vinden van verzetspersonen. Dit was een bewuste keuze: het beschermen van de identiteit van verzetsleden was van levensbelang, aangezien dergelijke gegevens in de verkeerde handen een fatale afloop konden hebben. Veel informatie over het verzet is na de oorlog mondeling overgedragen (als men al over de oorlog wilde praten). Bovendien is er discussie over wat precies onder 'verzet' valt. Definities zijn vaak door mannen in gezaghebbende posities opgesteld, waarbij de nadruk op militaire daden lag en minder aandacht werd geschonken aan de humanitaire aspecten van het verzet.

Waar zijn bronnen over (Drentse) verzetsvrouwen te vinden?

Toch zijn er in het archief sporen te vinden van (Drentse) vrouwen in het verzet. Een totaaloverzicht van verzetsvrouwen bestaat helaas niet, daarom is het eerst noodzakelijk om uit te zoeken wie in het verzet zat. Net als bij genealogisch onderzoek, is het daarna de kunst om bronnen te vinden over de desbetreffende verzetsvrouw. Hieronder staat een overzicht van verschillende bronnen, databases en onderzoeken, die kunnen helpen met het vinden van (Drentse) verzetsvrouwen.  

Let op! Raadpleeg altijd meerdere bronnen wanneer je een naam hebt gevonden. Dit om te verifiëren of iemand daadwerkelijk verzet heeft gepleegd, maar ook om zoveel mogelijk informatie over de desbetreffende persoon te vinden. 

LO en LPK

Bij het Nederlandse Instituut voor Oorlogs-, Holocaust en Genocidestudies (NIOD) zijn de archieven ondergebracht van de verzetsgroepen Stichting Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO) en Landelijke Knokploegen (LPK). Beide archieven zijn online te raadplegen en bevatten ook materiaal over Drenthe. Daarnaast is bij het NIOD informatie te vinden over gevangengenomen verzetsstrijders. Raadpleeg de zoekgids over het verzet in Nederland voor meer informatie over archiefmateriaal dat het NIOD heeft over het verzet. 

De Binnenlandse Strijdkrachten

De Binnenlandse Strijdkrachten (BS) ontstonden uit de drie belangrijkste verzetsgroepen die tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederland actief waren: de Ordedienst (OD), de Landelijke Knokploegen (LKP) en de Raad van Verzet (RVV). Op 5 september 1944 bundelden deze groepen hun krachten en vormden, onder leiding van Prins Bernhard, de BS. De archieven van de Binnenlandse Strijdkrachten zijn te raadplegen in het Nationaal Archief.  

Nederlandse Rode Kruis

Het Oorlogsarchief van het Nederlandse Rode Kruis (NRK) bevat diverse deelcollecties met gegevens over verzetsdeelnemers die gearresteerd en naar Duitsland gedeporteerd zijn. Dit archief omvat onder andere de Centraal-Europese Cartotheek, administraties van Kamp Amersfoort en Kamp Vught, transportlijsten en naoorlogse correspondentie. Het archief is ondergebracht in het Nationaal Archief en deels openbaar. Raadpleeg de zoekhulp Oorlogsarchief van het NRK voor meer informatie. 

Archieven van de gemeentepolitie

De dag- en nachtrapporten van gemeentepolities in de periode tussen 1940-1945 bevatten onder andere informatie over verzetspersonen, die zijn opgepakt tijdens de Duitse bezetting. De dagrapporten van de gemeentepolitie Assen zijn gedigitaliseerd en te raadplegen op de website van het Drents Archief.  

Stichting 1940-1945  

Stichting 1940-1945 verleende na de Tweede Wereldoorlog hulp aan gezinnen van verzetsdeelnemers en andere oorlogsgetroffenen. Vanaf 1947 behandelde de stichting de aanvragen die verzetsdeelnemers en hun nazaten konden doen in het kader van de Wet buitengewoon pensioen. Het archief van de stichting is te raadplegen in het Nationaal Archief, maar is beperkt openbaar. Raadpleeg de zoekhulp Stichting 1940-1945 voor meer informatie.    

CADSU-archieven  

In de jaren vijftig van de twintigste eeuw konden vervolgingsslachtoffers van de nazi's een vergoeding bij de Duitse overheid aanvragen in verband met de 'Wiedergutmachungs'-wetten. De vergoedingen werden ingediend bij het Centraal Afwikkelingsbureau Duitse Schade Uitkeringen (CADSU). Het CADSU-archief is ondergebracht bij het Nationaal Archief, maar is nog niet openbaar. Raadpleeg de zoekhulp CADSU II-dossiers voor meer informatie.  

Systeemkaarten  

Het archief van het Oorlogs- en Verzetscentrum Groningen bevat systeemkaarten van mensen die in het verzet hebben gezeten. Hoewel de collectie voornamelijk uit systeemkaarten van Groningers bestaat, bevat deze ook enkele systeemkaarten van Drenten. De kaarten zijn gedigitaliseerd en online te raadplegen.  

Arolsen Archives  

Op de website van de Arolsen Archives zijn primaire bronnen te vinden over slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Deze bevatten niet alleen gegevens van Joodse oorlogsslachtoffers, maar ook van verzetsstrijders die naar concentratiekampen werden gedeporteerd. In de Arolsen Archives zijn bijvoorbeeld de kampregistraties van Kamp Amersfoort en Kamp Vught ondergebracht. In deze kampen kwamen veel Nederlandse verzetsstrijders terecht, nadat zij gevangen waren genomen. Raadpleeg de e-guide van de Arolsen Archives om de bronnen op de juiste manier te interpreteren en te begrijpen. 

Oorlogsbronnen  

Op de website van Oorlogsbronnen zijn bronnen van meer dan 250 archiefinstellingen, musea, herinneringscentra en bibliotheken in binnen- en buitenland aan elkaar gekoppeld rondom gebeurtenissen, plaatsen, personen en thema’s. De website is een goed startpunt voor onderzoek naar de Tweede Wereldoorlog. Wanneer je een naam hebt gevonden van een verzetsvrouw is de website van Netwerk Oorlogsbronnen handig om te raadplegen. De website biedt namelijk een overzicht van gedigitaliseerde bronnen die over de betreffende persoon beschikbaar zijn. 

Databases 

In de databases Vrouwen in verzet ’40-’45 en Koeriersters van het verzet 40-45 zijn gegevens te vinden van verzetsvrouwen uit Nederland. Let op! De databases zijn nog niet compleet en worden nog steeds aangevuld.  

Vrouwen van Trouw  

Historica Rianne van Oostrum en redacteur Jan Blacquière vonden in totaal 298 vrouwen die in de Tweede Wereldoorlog betrokken waren bij de illegale Trouw. In het artikel Wie waren de 298 vrouwen van Trouw zijn korte biografieën te vinden van vrouwen die onderdeel uitmaakten van het verzet, onder wie enkele vrouwen uit Drenthe. 

Egodocumenten  

Tot slot zijn er over (Drentse) verzetsvrouwen ook (kranten)artikelen, interviews en (auto)biografieën verschenen. De laatste jaren is er steeds meer aandacht voor vrouwen in het verzet. Het loont dan ook zeker om op internet, zoals bijvoorbeeld in de krantendatabase Delpher, of in de bibliotheek te zoeken naar meer informatie en bronnen over verzetsvrouwen. 

​Waar zijn bronnen over Drentse verzetsvrouwen te vinden in het Drents Archief?

Ook in het Drents Archief zijn sporen te vinden van Drentse vrouwen die actief waren in het verzet.  

Huis van Bewaring Assen 

In het archief van het Huis van Bewaring in Assen zijn ingekomen stukken van de Sicherheitspolizei betreffende opname bevelen van verdachte personen en staten van opgesloten gevangenen te vinden. Beide archieven zijn gedigitaliseerd en online te raadplegen. In deze bronnen vind je ook namen van Drentse verzetsvrouwen.  

Collectie Tweede Wereldoorlog  

In de  Collectie Tweede Wereldoorlog van het Drents Archief zitten meerdere stukken over het verzet. Zo bevat de collectie een lijst van medewerkers en koeriers van de Stichting Landelijke Organisatie Voor Hulp aan Onderduikers (LO) groep in Meppelstukken betreffende het verzet in en vanuit Zuidlaren en stukken betreffende het handelen van de Binnenlandse  Strijdkrachten in Gieten. In deze bronnen komen namen voor van verzetsvrouwen en zijn een goed startpunt om je onderzoek te beginnen.  

Dagboeken 

In het Drents Archief liggen dagboeken van verzetsvrouw Anna Hamminga-Boon (1896-1976). Tussen juni 1942 en 1943 schreef zij over alledaagse dingen, zoals de stijgende prijzen van sigaretten, de hoeveelheid bonnen die nodig was om levensmiddelen te verkrijgen en de verschrikkelijke smaak van surrogaatkoffie. Ook vertelde zij over de anti-Joodse maatregelen, de NSB, het verzet en de Arbeitseinsatz.  

Dagboek Anna Hamminga-boon, foto van schriftje
Impressiefoto dagboeken Anna Hamminga Boon, eigen foto

Leestips! In de boeken De Knokploeg: schimmen uit het verleden van Gerrit Gunnink en De Knokploeg Noord-Drenthe van Simon Schoon worden namen vermeld van Drentse vrouwen die actief waren in het verzet. De boeken zijn te vinden in de bibliotheek van het Drents Archief.  

7.2 Joodse vervolgingsslachtoffers

Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog woonden in Drenthe ongeveer 1500 Joden, hoewel het precieze aantal onbekend is. De meeste Joden woonden in de grotere plaatsen zoals Assen, Meppel, Hoogeveen, Coevorden en Emmen. In 1852 werd Drenthe een zelfstandig synagogaal ressort met rabbijn Jeremia Samuel Hillesum (1820-1888) uit Meppel als opperrabbijn. Tegen het einde van de negentiende eeuw waren er synagogen in Coevorden, Hoogeveen, Meppel, Assen, Dwingeloo, Veenhuizen, Smilde, Beilen, Sleen, Emmen, Zuidlaren, Borger, Drouwen, Roswinkel en Nieuw-Amsterdam.  

Net als in de rest van Nederland, waren Joden in Drenthe geïntegreerd in de maatschappij. Zo waren zij actief in gemeenteraden en namen zij volop deel aan het verenigingsleven. In de grote plaatsen bestond ook een bloeiend eigen verenigingsleven. In Drenthe waren er bijvoorbeeld jongeren-, mannen- en vrouwenverenigingen. Omstreeks 1900 waren er in Assen zelfs twee vrouwenverenigingen: de ‘Vrouwenvereeniging Ozeer Dalilem’ en de ‘Israelietische Damesvereeniging Bikdé Kodesj’. Ook in Emmen bestond een afdeling van Bikdé Kodesj, terwijl in Coevorden de ‘Vrouwenvereeniging Tiferes Nasjiem’ actief was. Helaas is er geen archiefmateriaal van deze verenigingen bewaard gebleven. Wel worden de verenigingen vermeld in het Drentsch jaarboekje (te raadplegen in de bibliotheek van het Drents Archief).  

De oorlog maakte abrupt een einde aan de Joodse gemeenschap in Drenthe. Het overgrote deel van de Drentse Joodse bevolking werd afgevoerd en vermoord in vernietigingskampen. Slechts een zeer klein aantal overleefde de oorlog. Toch zijn er in het archief nog veel bronnen te vinden over Joodse slachtoffers. Hieronder lees je meer over de anti-Joodse maatregelen, de deportaties en Kamp Westerbork. Daarnaast vind je een overzicht van archieven die in het Drents Archief geraadpleegd kunnen worden   

Anti-Joodse maatregelen

Vanaf 1941 werden in Nederland anti-Joodse maatregelen ingevoerd die specifiek tegen de Joodse bevolking waren gericht. Joden verloren hun staatsburgerschap en mochten geen openbare ambten meer bekleden. Ze werden uitgesloten van onderwijs en werkgelegenheid, verloren hun stemrecht en kregen te maken met een verbod op huwelijken en seksuele relaties tussen Joden en niet-Joden. Bovendien werden Joodse bezittingen in beslag genomen en moesten Joden verplicht een Jodenster dragen. Deze discriminerende maatregelen, die voor zowel mannen als vrouwen gold, markeerden het begin van een systematische vervolging van de Joodse gemeenschap in Nederland.  

Ook voor de provincie Drenthe golden deze maatregelen. Zo moesten Joodse kinderen verplicht naar een aparte Joodse school. In het archief van het Secretariearchief van de Gemeente Assen zijn stukken bewaard gebleven over de Joodse school in Assen. Deze documenten bevatten onder andere namenlijsten van jongens en meisjes die verplicht onderwijs moesten volgen op de Joodse school aan de Rolderstraat. Daarnaast heeft het Drents Archief bronnen over de anti-Joodse maatregelen die betrekking hebben op de Joodse Assenaren en Joodse Drenten.  

Zwart-wit foto, schoolklas met 10 joodse kinderen en 1 leerkracht. Ze zitten aan tafels met schrijfmateriaal. Aan de muur hangen tekeningen.
Kinderen op een Joodse school in Amsterdam, 1942-1943. Collectie Gemeente Assen.

Anna Nieweg werd op 10 december 1894 geboren in het Groningse Usquert als dochter van Marcus Nieweg en Margina Levie. Op 14 april 1920 trouwde ze met Berend Davidson, ze gingen samenwonen aan de Nijlandstraat in Assen. Het huwelijk hield echter geen stand en op 26 oktober 1938 scheidde ze van hem. In datzelfde jaar nam Anna de zorg op zich voor Lotte Auszenberg, een Duitse vluchtelinge uit Keulen die door haar moeder samen met haar broers en zusjes uit geldnood en het dreigende gevaar in Duitsland naar Nederland was gestuurd. Anna nam Lotte op als pleegdochter. De broers en zusjes van Lotte werden elders ondergebracht in Assen. Anna werkte als onderwijzeres in Assen, maar verloor haar baan omdat ze Joods was. Op 16 september 1941 opende in Assen een school speciaal voor Joodse kinderen, gevestigd in het verenigingsgebouw van de Joodse gemeente aan de Rolderstraat. Samen met onderwijzer van het HBS Nathan Kropveld gaf Anna daar les. Er werden vakken gegeven als Nederlands, wiskunde en Lichamelijke Opvoeding. Tijdens de grote razzia in Assen werd Anna samen met haar pleegdochter opgepakt. Op 19 oktober 1942 werd Anna gedeporteerd naar Auschwitz. Slechts drie dagen later, op 22 oktober, werd Anna Nieweg vermoord.  

Weggevoerd

De eerste fase van de deportaties begon in juni 1942, toen alle werkloze Joodse mannen tussen 18 en 55 jaar in de drie noordelijke provincies werden opgeroepen zich te melden voor verplichte Arbeitseinsatz. Vrouwen, kinderen en ouderen bleven achter. De mannen werden overgebracht naar Joodse werkkampen, die verspreid waren over Nederland. In Drenthe bevonden zich veertien werkkampen. Raadpleeg de themawebsite Joodse Werkkampen en het boek Jodenkampen van Niek van der Oord voor meer informatie over werkkampen in Drenthe (beschikbaar in de bibliotheek van het Drents Archief).  

Op 2 oktober 1942 werden alle Joodse werkkampen ontruimd. De kampbewoners vertrokken, vaak te voet, naar Kamp Westerbork. Op dezelfde dag ontvingen de achtergebleven vrouwen, kinderen en ouderen in de drie noordelijke provincies het bericht dat zij zich moesten klaarmaken voor een reis. Waar deze reis naartoe zou gaan, wist niemand. Er heerste echter de overtuiging dat gehoor geven aan de oproep veiliger was dan verzet. Vrijstelling was niet mogelijk, en onderduiken was door de Joodsche Raad met klem afgeraden.  

In de nacht van 2 op 3 oktober werden in de gehele provincie Drenthe de achtergebleven vrouwen, kinderen en ouderen door de Sicherheitspolizei onder dwang opgehaald en naar het Judendurchgangslager Westerbork gebracht. Soms waren gezinnen al vóór deze nacht gedeporteerd. Aan het eind van de zomer van 1942 waren er in Assen bijvoorbeeld al vijftien gezinnen afgevoerd naar Kamp Westerbork.  

In de dagboeken van verzetsvrouw Anna Hamminga-Boon zijn passages te vinden waarin ze de deportaties van Joden uit Zuidwolde beschrijft. Andere bronnen over de deportatie van Drentse vrouwen, kinderen en ouderen naar Kamp Westerbork zijn te vinden in de gedigitaliseerde dag- en nachtrapporten van de Gemeente politie Assen, in het Secretariearchief van de Gemeente Assen en het archief van de Militaire Commissaris van Drenthe. Voor provinciebreed onderzoek kun je het Drents Archiefnet raadplegen.  

Doorgangskamp Westerbork

Van 1 juli 1942 tot mei 1945 functioneerde Kamp Westerbork als Judendurchgangslager (doorvoerkamp) Westerbork. Het kamp diende als centrale verzamelplaats waar Joden uit Nederland werden samengebracht voordat zij werden gedeporteerd naar concentratie- en vernietigingskampen. Gedurende deze periode werden meer dan honderdduizend gevangenen vanuit Westerbork naar kampen zoals Auschwitz, Sobibor, Theresienstadt en Buchenwald gedeporteerd. Helaas zijn veel documenten over de slachtoffers deels vernietigd aan het einde van de oorlog door de Duitse bezetters, omdat ze niets in handen van de Geallieerden wilden laten vallen.   

In het Drents Archief is een klein aantal documenten te vinden over Kamp Westerbork. Deze zijn te vinden in de Tweede Wereldoorlogcollectie, in de archieven van de Militaire Commissaris van Drenthe en het archief van Centraal Vluchtelingenkamp Westerbork. Daarnaast zijn ook in het archief van de Inspectie Drenthe Afdeling Werkverschaffing Steunverlening stukken over Kamp Westerbork te vinden. 

In Kamp Westerbork werden ook huwelijken gesloten, de akten hiervan kun je vinden zijn in de genealogische database van het Drents Archief. Soms zijn ook huwelijksbijlagen beschikbaar die aanvullende informatie geven over het bruidspaar. Voor een uitgebreide uitleg over het vinden van huwelijksbijlagen kun je de video Hoe vind ik huwelijksbijlagen? bekijken.  

Waar zijn bronnen over Joodse vervolgingsslachtoffers te vinden in het Drents Archief?

Tip! In het Nationaal Archief en het NIOD zijn veel archiefstukken met informatie over Nederlandse Joodse vervolgingsslachtoffers te vinden. Voor een overzicht van de beschikbare archieven kun je gebruikmaken van de zoekhulpen Slachtoffers Jodenvervolging 1938-1945 (Nationaal Archief) en Jodenvervolging (NIOD).  

Websites voor onderzoek naar Joodse vervolgingsslachtoffers

Veel informatie en bronnen over Joodse vervolgingsslachtoffers zijn de laatste jaren gedigitaliseerd en kunnen bruikbaar zijn wanneer je meer bronnen of informatie zoekt over Joodse slachtoffers. Hieronder is een overzicht te vinden van betrouwbare websites, die je kunt raadplegen voor verder onderzoek naar Joodse vervolgingsslachtoffers.  

  • Op de website van Arolsen Archives zijn primaire bronnen over slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog te vinden. Raadpleeg de e-guide van de Arolsen Archives om de bronnen op de juiste manier te interpreteren.  
  • Op Joods Monument zijn namen, woonadressen en korte biografieën te vinden van meer dan 104.000 Nederlandse Joden die de oorlog niet hebben overleefd.  
  • Op de website van Netwerk Oorlogsbronnen zijn bronnen van meer dan 250 archiefinstellingen, musea, herinneringscentra en bibliotheken in binnen- en buitenland aan elkaar gekoppeld rondom gebeurtenissen, plaatsen, personen en thema’s. Op de website zijn onder andere tijdlijnen te vinden van Joodse vervolgingsslachtoffers, waaronder ook van Drentse vrouwen.  
  • The Central Database of Shoah Victims' Names is een database van Yad Vashem waar namen van Joodse oorlogsslachtoffers uit heel Europa te vinden zijn. Via deze database zijn vaak aanvullende gegevens te vinden over de slachtoffers.  
  • Op de website Westerbork Portretten zijn biografieën te vinden van Nederlandse Joodse slachtoffers van de Holocaust.   
  • Op de website Westerbork Digitaal kun je de objecten- en documentencollectie van Herinneringscentrum Kamp Westerbork raadplegen. Hierbij kun je zoeken op personen en onderwerpen.  
  • Het Digitaal Joods Monument Meppel geeft een gezicht aan de in de Tweede Wereldoorlog vermoorde Meppeler Joden. Op de website zijn verhalen, foto’s en ander bronmateriaal over Joden uit Meppel te vinden.   

7.3 Lid van de NSB

Ook in Drenthe sloten vrouwen zich aan bij de NSB en andere nevenorganisaties zoals de Nationale Jeugdstorm, de Nationaalsocialistische Vrouwenorganisatie (NSVO) en de Nederlandse Volksdienst (NVD). Ondanks hun aandeel in de beweging, ruim een derde van alle NSB-leden was vrouw, is er tot op heden weinig onderzoek gedaan naar deze groep vrouwen. Hieronder lees je meer over de NSB-organisaties in Drenthe waar ook vrouwen actief waren. Daarnaast vind je een overzicht van archieven van het Drents Archief en andere archiefinstellingen die geraadpleegd kunnen worden voor verder onderzoek naar NSB-vrouwen. 

Nationale Jeugdstorm

De Nationale Jeugdstorm was een nationaalsocialistische jongerenbeweging in Nederland, opgericht in 1934 door NSB’er Cornelis van Geelkerken. De organisatie was geïnspireerd door de Duitse Hitlerjugend en was bedoeld als nationaalsocialistisch alternatief voor de in 1941 verboden padvinderij. Binnen de Jeugdstorm waren jongens en meisjes onderverdeeld in aparte groepen. Jongens van 10 tot 13 jaar werden Meeuwen genoemd en meisjes Meeuwkes. Voor de leeftijdsgroep van 14 tot 17 jaar gebruikte men de termen Stormers en Stormsters.  De activiteiten van de Jeugdstorm richtten zich vooral op sporten, exerceren en zingen. Tijdens de bezettingsjaren werd hier politiek-ideologische vorming aan toegevoegd. Op het hoogtepunt waren in Nederland meer dan 12.000 jongeren aangesloten bij de beweging. 

In het Drents Archief liggen verslagen van een jongen en een meisje over een vormingscursus van de Nationale Jeugdstorm, die in februari 1944 in Smilde werd georganiseerd. Stukken over de Jeugdstorm in Drenthe worden bewaard in het Nationaal Archief. Voor meer informatie over de activiteiten van de Jeugdstorm in Drenthe kan ook de krantendatabase Delpher worden geraadpleegd. Op Delpher zijn krantenberichten te vinden over onder andere de oprichting, bijeenkomsten, sportevenementen en manifestaties van de Jeugdstorm in Drenthe. Tot slot is het maandblad van de beweging, De Stormmeeuw, gedigitaliseerd en online te raadplegen.  

Portret jonge vrouw tijdens de Tweede Wereldoorlog. Zij draagt een lichtblauwe bloes, het uniform van de Jeugdstorm. Op haar schouder draagt zij een zwarte karpoets met de zeemeeuw op een lichtblauwe cirkel. Dit was het embleem van de Nationale Jeugdstorm.
Portret van een jonge vrouw in een uniform van de Jeugdstorm, augustus 1944. Collectie Tweede Wereldoorlog, Drents Museum

De NSVO

De Nationaalsocialistische Vrouwenorganisatie (NSVO) werd opgericht op 1 september 1938. De organisatie maakte onderdeel uit van de NSB, maar functioneerde zelfstandig. De NSVO heeft in de loop der tijd verschillende leidsters gehad: Jeanne van Hoey Smith-van Stolk, Elisabeth Keers-Laseur, Julia Op ten Noort en, vanaf 1941, Olga de Ruiter-van Lankeren Matthes. Het doel van de NSVO was ‘de vrouwen van de Nederlandse stam voor te bereiden op hun taak in de nationaalsocialistische volksgemeenschap.’ Vrouwen konden echter ook lid zijn van de NSB zonder zich aan te sluiten bij de NSVO. 

De NSVO richtte zich met name op vorming en voorlichting, waarbij de geestelijke en lichamelijke voorbereiding op het moederschap centraal stond. Activiteiten zoals zang, sport en lezingen bepaalden het programma van de vormingskampen. Daarnaast publiceerde de afdeling Propaganda het tijdschrift De Nationaal-Socialistische Vrouw, later omgedoopt tot Nederlandsch Vrouwenleven. Dit tijdschrift was gericht op leden en sympathisanten van de NSVO en speelde een belangrijke rol in het verspreiden van nationaalsocialistische ideeën onder en over vrouwen. Op de website van Collectie Gelderland zijn enkele gescande versies van De Nationaal-Socialistische Vrouw en een enkel exemplaar van Nederlandsch Vrouwenleven te vinden. 

De NSVO had verschillende afdelingen verspreid over Nederland, waaronder in de provincie Drenthe. Archiefstukken van de NSVO-afdeling Drenthe liggen in het Nationaal Archief. Algemene archiefstukken over de NSVO zijn ondergebracht bij het NIOD.  

Tip! Raadpleeg de krantendatabase Delpher voor meer bronnen over de NSVO in Drenthe. Op Delpher zijn bijvoorbeeld krantenberichten te vinden over evenementen en lezingen die door de Drentse afdeling van de NSVO werden georganiseerd.  

De Nederlandse Volksdienst

In het Drents Archief ligt het archief van het Provinciaal Bureau van de Nederlandsche Volksdienst te Assen (NVD). Deze organisatie werd in juli 1941 opgericht naar het voorbeeld van de Duitse National-Sozialistische Volkswohlfahrt en fungeerde als een hulporganisatie voor minderbedeelden. De NVD had als doel om nationaalsocialistische ideeën onder de bevolking te verspreiden. Het hoofdkantoor van de NVD was gevestigd in Den Haag en in iedere provincie werd een provinciaal bureau geopend. Het Drentse bureau was gehuisvest aan de Zuidersingel in Assen. 

De NVD bood hulp aan moeders, zorgde voor schoolvoeding en wijkverpleging. Ook was er een speciale afdeling die zich bezighield met gezinsverzorging. In dit archief komen dan ook veel vrouwen voor. Deze hulp was echter alleen bedoeld voor Ariërs: Joden, zigeuners en gehandicapten kwamen niet in aanmerking voor deze hulp. In het archief van de NVD zijn ook stukken te vinden over de afdelingen Meppel, Emmen en Hoogeveen

Wil je meer lezen over NVD in Drenthe? Raadpleeg dan het hoofdstuk ‘Een vergeefse zoektocht naar het Gezonde Gezin: De Nederlandse Volksdienst en de Drentse vrouw, 1940-1945’ van Jet Spits in het boek Krüdige wieven: Drentse vrouwen in de 20ste eeuw (te raadplegen in het Drents Archief). 

Naast de NVD waren in Drenthe ook andere nevenorganisaties van de NSB actief. Voor een overzicht van deze organisaties kun je het hoofdstuk NSB, Jeugdstorm, e.a. in de onderzoeksgids over de Tweede Wereldoorlog raadplegen.  

Berecht

In het Nationaal Archief ligt het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging (CABR). In dit archief liggen persoonsdossiers van ongeveer 425.000 Nederlanders, die werden verdacht van samenwerking met de Duitse bezetter, verraad, NSB-lidmaatschap, of het in dienst gaan bij het Duitse leger. Dit archief bevat dossiers van zowel veroordeelden als van personen van wie de verdenking ongegrond bleek. De persoonsdossiers bestaan uit verschillende documenten waaronder getuigenverslagen, lidmaatschapskaarten van de NSB, dagboeken, gratieverzoeken en foto’s. In het CABR zijn ook dossiers van (Drentse) vrouwen te vinden.  

Het CABR is wegens de privacywetgeving beperkt openbaar, waardoor de stukken alleen kunnen worden ingezien op de studiezaal van het Nationaal Archief. In 2023 zijn het Nationaal Archief, WO2Net, Huygens Instituut en NIOD onder de projectnaam Oorlog voor de Rechter begonnen met het scannen van de persoonsdossiers. Het gescande materiaal zou terechtkomen op een gelijknamige website, waar ook gezocht zou kunnen worden op treffers als getuigen, slachtoffers, medeplichtigen, locaties, liquidaties en specifieke gebeurtenissen. Momenteel is het echter onduidelijk wanneer en of het CABR voor een breed publiek online toegankelijk wordt. Houd daarom de website van de Oorlog voor de Rechter in de gaten.  

Waar zijn bronnen over Drentse vrouwelijke collaborateurs te vinden in het Drents Archief?

In het Drents Archief kan in verschillende bronnen onderzoek gedaan worden naar Drentse vrouwen, die na de oorlog in Drenthe zijn opgepakt of berecht op verdenking van collaboratie.  

Tribunaal Assen 

In het Drents Archief ligt een aantekeningenboekje van verzetsvrouw Anna Hamminga-Boon, die na de oorlog lid was van het Tribunaal Assen. Hamminga maakte aantekeningen van de processen tegen Drenten, die ervan verdacht werden samengewerkt te hebben met de Duitse bezetter of lid te zijn geweest van de NSB. Het aantekeningenboekje bevat namen (ook van vrouwen), geboortedata en uitspraken van het tribunaal.  

Archieven van de gemeentepolitie 

Hoewel het enig speurwerk vereist, zijn in de dag- en nachtrapporten en proces-verbalen van de gemeentepolitie Assen uit 1945 meisjes en vrouwen terug te vinden, die werden opgepakt omdat zij (vermeend) lid waren van de NSB, Nationale Jeugdstorm en de NSVO. In de proces-verbalen wordt aangegeven welke rol de verdachte in de organisaties had gespeeld.  

Militair Gezag  

In het archief van Militaire Commissaris van Drenthe, Districts Militaire Commissaris van Meppel, Districts Militaire Commissaris van Emmen en Districts Militaire Commissaris van Assen zijn verschillende documenten te vinden van de Politieke Opsporingsdienst (POD) en zuiveringscommissies. Deze bijzondere politiediensten, formeel onderdeel van het Militair Gezag, hielden zich na de oorlog bezig met het opsporen en aanhouden van politieke verdachten. In deze documenten zijn personen (onder wie ook vrouwen) te vinden die zijn opgepakt wegens verdenking van collaboratie met de Duitse bezetter. Let op! Wanneer je een naam hebt gevonden hoeft dit niet te betekenen dat deze persoon daadwerkelijke collaboreerde met de Duitse bezetter of lid was van de NSB. Raadpleeg daarom altijd meerdere bronnen om de informatie te controleren. 

Een andere taak van het Militair Gezag was het opvangen en verzorgen van kinderen van gedetineerde NSB’ers. Op verzoek van het Militair Gezag nam Jo Boer deze organisatie op zich. De kinderen, en in sommige gevallen ook hun moeders, werden ondergebracht in tijdelijke opvanglocaties waar de omstandigheden vaak zeer slecht waren. In het persoonsarchief van Jo Boer zijn stukken hierover te vinden. Daarnaast vind je meer informatie over de opvang van NSB-kinderen in de archieven van Opbouw Drenthe (inventarisnummers 221 en 222), Provinciale Inspectie voor de Bijzondere Jeugdzorg Drenthe en Districts Militaire Commissaris van Emmen. Onderzoeker Bert Finke heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar de opvang van NSB-kinderen. Zo maakte hij een overzicht van alle opvanglocaties. Lees ook zijn artikel ‘NSB-kinderen: ontredderd en zonder ouders’.  

Collectie Tweede Wereldoorlog 

In de Collectie Tweede Wereldoorlog is een lijst aanwezig van Drenten die na de oorlog om politieke redenen waren gedetineerd. Hoewel deze lijst niet volledig is, worden op de lijst ook Drentse vrouwen vermeld die na de oorlog zijn gedetineerd.  

Collectie Drentse schrijvers 

In de collectie Drentse schrijvers van het Drents Archief zijn gegevens inzake het proces tegen NSB’er Jantje de Jong-Smith te vinden. De Jong-Smith was onderwijzers en schrijfster en had zich in 1941 aangesloten bij de NSB, waar zij voordrachten schreef voor NSB-avonden en jeugdwerk verrichtte. Na de bevrijding werd De Jong-Smith geïnterneerd en moest ze op 23 oktober 1946 voor het Tribunaal te Assen verschijnen. Ze werd veroordeeld en ontzet het kiesrecht. 

Tip! Veel kranten berichtten na de oorlog over de rechtszaken tegen (vermeende) collaborateurs. Als je de naam van een vrouwelijke collaborateur hebt gevonden, kun je de krantendatabase Delpherraadplegen. Hier zijn vaak zowel de aanklacht als het vonnis te vinden dat tegen de betreffende persoon werd uitgesproken. 

Verder lezen

Verzet 

  • Graaff, B. de en L. Marcus, Kinderwagens en corsetten: een onderzoek naar de sociale achtergrond en de rol van vrouwen in het verzet, 1940-1945. Amsterdam, 1980. 
  • Hof, J. Vrouwen in het verzet 1940-1945: tot iedere tegenwerking bereid. Baarn, 1995.  
  • Holt-Taselaar, A.M.J. ten, ‘Vrouwen en meisjes in het verzet’.  In Onderdrukking en verzet. Nederland in oorlogstijd III. Arnhem/Amsterdam, 1981.  
  • Schwegman, M. Het stille verzet. Vrouwen in illegale organisaties Nederland 1940-1945. Amsterdam, 1980.  

Tip! In 2025 verschijnt het boek Verzetsvrouwen in de Tweede Wereldoorlog van historici Agnes Cremers en Mark Bergsma. Houdt de website Van Gisteren in de gaten voor meer nieuws en informatie. 

Jodenvervolging  

  • Derksen, S.C. Opkomst en ondergang van een toonaangevende joodse gemeente. Meppel, 1988. 
  • Huizing, L. De verdwenen mediene: Twee en een halve eeuw Hoogeveens Jodendom. Hoogeveen, 1975.  
  • Hulst, F.J. en H.M. Luning, De Joodse gemeente Assen. Assen, 1991.  
  • Michman, J., H. Beem en D. Michman, Pinkas - geschiedenis van de joodse gemeenschap in Nederland. Ede, 1992.  
  • Poortman, J. ‘Tussen kaftan en jodenster: Geschiedenis van de Joden in Meppel 1699-1945’. In Nieuwe Drentse Volksalmanak. Assen, 1969.  

Collaboratie

  • Diederichs, M. Wie Geschoren wordt moet stil zitten: De omgang van Nederlandse meisjes met Duitse militairen. Amsterdam, 2006. 
  • Groot, de D. ‘Het hartvuur heilig, het haardvuur veilig: over vrouwen in de NSB’. In Oorlogsverhalen, Tweede wereldoorlog: zeven interpretaties en verhalen, november 2013.   
  • Jorna, J. Pantoffels en rassenleer: de vrouwen van de NSB, 29 oktober 2019. 
  • Matthée, Z. Voor Volk En Vaderland: Vrouwen in de NSB 1931-1948. Amsterdam: Balans, 2007.  
  • Oosterom, R. Moffenmeiden: Over soldatenliefjes, knippers en omstanders: Een Geschiedenis in Verhalen. Amsterdam: Meulenhoff, 2019.