Spring naar inhoud

Toegankelijkheidsopties:

Vrachtwagen met melktank. Stichting Streekeigen Sleen

Bewegingsvrijheid

Het verhaal van Aaltje Tijmes

Introductie

De Brugstraat in Klazienaveen waar in de jaren 1940 het pand van melkhandel Tijmes zat, 1950-1956. Collectie Drents Museum, Drents Archief

Aaltje Tijmes hoopte dat haar leven na de bevrijding eindelijk iets gemakkelijker zou worden. In 1939 overleed haar man Annebertus. Hij liet een melkhandel na die Aaltje samen met haar zoons moest voortzetten. Daarbij brak een jaar later ook nog de oorlog uit. Het was niet makkelijk om tijdens de bezetting alles draaiende te houden. Ook na de bevrijding blijft het behelpen.

De familie Tijmes bezit in 1945 één van de grootste melkzaken van Drenthe. Wekelijks brengen ze zo’n 9000 liter melk aan de inwoners van Klazienaveen en omgeving. Iedere dag moet de melk uit Dalen worden gehaald, waar de zuivelfabriek staat. Daarna vent melkhandelaar Tijmes de melk uit. Maar meer dan een maand na de bevrijding, op 17 mei 1945, heeft de familie Tijmes nog steeds geen voertuigen om dit proces soepel te laten verlopen. Ze hebben geen auto en hun fietsen hebben geen banden. Het gevolg hiervan is dat de melk te laat wordt bezorgd en soms al zuur is wanneer die aankomt. Zo kan het niet langer, vindt Aaltje. Ze besluit een klachtenbrief te schrijven naar het Militair Gezag (MG). Het zijn immers hun regels die het melk venten in de weg zitten.

De zuivelfabriek aan de Noordwijk te Dalen, 1920-1940. Collectie Drents Museum, Drents Archief
Fragment van een brief van A. Tijmes aan het Militair Gezag in Emmen. Archief Militair Commissaris van Emmen, Drents Archief. Toegangsnummer 0146, inventaris nummer 6

Inperking van vrijheid

Na de oorlog ligt het reisverkeer in Nederland bijna helemaal stil. Om orde en overzichtelijkheid te creëren stelt het Militair Gezag (MG) in heel Nederland regels op over hoe, wanneer en waarheen men mag reizen. Dit zorgt ervoor dat de meeste Drenten na de oorlog weinig van hun herwonnen vrijheid kunnen genieten. Het Drents Archief bewaart een uitgebreide hoeveelheid archiefmateriaal van het MG, waar informatie te vinden is over de regels die destijds werden opgesteld.

Collage van verschillende archiefstukken afkomstig van het NIOD, Verzetsmuseum Friesland, Gemeente Archief Rotterdam en het Drents Archief

Vervoermiddelen

Vlak na de oorlog is het aantal overgebleven vervoermiddelen schaars. Tijdens de oorlog belandden veel Nederlandse voertuigen in Duitsland. Aan de voertuigen die nog over waren mankeerde vaak van alles. Om het herstel van Nederland na de bevrijding weer op gang te brengen, zijn echter veel voertuigen nodig. De geallieerden stellen hun motorvoertuigen beschikbaar, maar dit blijkt niet genoeg. Daarom worden veel voertuigen die nog wel rijden gevorderd door het Militair Gezag. Mensen die een motorvoertuig, zoals een auto, vrachtwagen of motor in bezit hebben, krijgen een brief op de mat met het verzoek deze in te leveren. De eigenaren van de voertuigen worden geregistreerd zodat de voertuigen later weer terug kunnen worden gegeven of ze een vergoeding kunnen ontvangen. 

Vervoer voor militaire doeleinden krijgt voorrang in het verkeer, zodat dit zo spoedig mogelijk verloopt. Het Militair Gezag roept bijvoorbeeld fietsers op om niet met twee personen naast elkaar op de weg te fietsen. Dit zou het militair vervoer in de weg kunnen zitten. Ook het Autobusvervoer wordt  stilgelegd. Aan de ene kant wordt dit gedaan zodat een aantal autobussen kan worden gevorderd voor militair gebruik. Aan de andere kant heeft het stilleggen van de busdiensten te maken met de reisbeperkingen die door het Militair Gezag worden opgelegd. 

Vrouwen op de fiets op de foto met Canadese militairen in Roden, 1945. Collectie Historische Vereniging Roon, Drents Archief

Deze regels hebben in het geval van de familie Tijmes grote gevolgen. Zonder vervoer duurt het vaak lang voordat zij melk ontvangen en kunnen uitventen. Het gevolg hiervan is dat de melk met regelmaat al zuur is wanneer deze wordt bezorgd of niet lang meer kan worden bewaard. Ook komen gezinnen soms zonder melk te zitten. Mevrouw Tijmes schrijft naar het militair gezag dat zij zich vooral zorgen maakt om deze gezinnen, die vaak kleine kinderen hebben. Ze vraagt het Militair Gezag daarom om banden voor de transportfietsen en een vervoermiddel voor het ophalen van de melk.

Chevrolet vrachtwagen en aanhanger melk melktank van de zuivelfabriek in Sleen, 1940-1945. Collectie Stichting Streekeigen Sleen, Drents Archief

Bewegingsruimte

Vanaf 20 april 1945 geldt in alle bevrijdde delen van Nederland een ‘trekverbod’, ingevoerd door het Militair Gezag. Het verbiedt Drentenaren om te overnachten buiten de gemeente waar zij zich als laatst hebben gevestigd. Ook mogen zij tijdelijk niet verhuizen of zich vestigen op een andere plek. Hiermee wordt geprobeerd om het (openbaar) vervoer in Drenthe te ontlasten en zo veel mogelijk in dienst te kunnen stellen van de wederopbouw. Alleen met een vergunning van het Militair Gezag mag buiten de gemeente overnacht worden. Deze regelgeving zorgt voor grote problemen voor de duizenden vluchtelingen die zich na de bevrijding in Drenthe bevinden. Zij kunnen vooralsnog niet naar huis terugkeren.

Bekendmaking van de Militaire Commissaris District Sneek Okma met betrekking tot de noodzaak van het bezitten van een reisvergunning voor reizen buiten de provincie Friesland, 1945. Collectie Verzetsmuseum Friesland

Het trekverbod is niet de enige regelgeving waarmee het Militair Gezag de bewegingsruimte van de Drentse bevolking flink inperkt. Vlak na de bevrijding van Drenthe besluit het Provinciaal Militair Gezag, in samenwerking met de geallieerden, om reizen buiten de provincie aan banden te leggen. Dit geldt ook voor burgers die niet de intentie hebben zich ergens anders te vestigen. 

In sommige gevallen wordt een uitzondering gemaakt, bijvoorbeeld wanneer een lokale boer melk moet afleveren in een nabijgelegen fabriek buiten de provincie. Er wordt alleen een vergunning verstrekt wanneer de boer kan aantonen dat hij in het verleden regelmatig buiten de provincie zijn melk heeft weggebracht. Met een vergunning mag de boer tot 24 april niet verder dan drie kilometer buiten de provincie reizen. Daarna wordt de grens verlegd naar zes kilometer.

Regels betreft bewegingsvrijheid opgesteld door het Militair Gezag. Archief Militair Commissaris Drenthe, Drents Archief. Toegangsnummer 0145, inventaris nummer 6

Avondklok

Foto: Affiche met bekendmaking van de avondklok door het militair gezag, 12 september 1944. Collectie NIOD

Tijdens de oorlog werd door de Duitse bezetter de ‘spertijd’ ingevoerd in Nederland om acties van het verzet tegen te gaan. Tussen 12 uur ‘s nachts en 4 uur ‘s ochtends moesten Nederlanders hierdoor in hun huizen blijven. Met de bevrijding van Nederland leek er een einde te komen aan deze verplichting. Maar niets was minder waar. Vlak na de bevrijding wordt de Duitse spertijd vervangen door de avondklok van het Militair Gezag. Deze avondklok heeft grote invloed op de bewegingsvrijheid van Drentenaren na de bevrijding.

Ondanks dat de avondklok van het Militair Gezag de bevolking niet verplicht om de ramen in hun huis te verduisteren, zoals de Duitse spertijd had gedaan, is de avondklok van het Militair gezag in sommige opzichten strenger dan de spertijd. In de eerste weken van april wordt bepaald dat Drentenaren tussen 21:30 en 6:00 ‘s ochtends hun huizen niet mogen verlaten. In het begin houdt niet iedereen zich aan de nieuwe regels en heeft het Militair Gezag haar handen vol aan het handhaven ervan. In mei worden de tijden van de avondklok in Drenthe aangepast, waardoor de bevolking ongeveer een uurtje langer buiten mag blijven.

Krantenbericht over de avondklok. Provinciale Drentsche en Asser Courant, 12 mei 1945

Ook voor de familie Tijmes zorgt de avondklok waarschijnlijk voor problemen. Door het tekort aan vervoermiddelen krijgen zij soms pas om zeven of acht uur ‘s avonds melk geleverd. Zij moeten zich haasten om alle melk uit te venten voordat de avondklok ingaat. Voor dit soort gevallen zijn er bij het Militair Gezag vergunningen beschikbaar. Of de familie Tijmes hier aanspraak op heeft gemaakt is onbekend.

Fragment van een brief van A. Tijmes aan het Militair Gezag in Emmen. Archief Militair Commissaris van Emmen, Drents Archief. Toegangsnummer 0146, inventaris nummer 6

Beperkte vrijheid

Veel Drenthenaren hopen dat de bevrijding een einde maakt aan de strenge regels van de Duitze bezetter. Ook Aaltje Tijmes hoopt dat de bevrijding het werk iets makkelijker zou maken. Maar na de oorlog stelt het Militair Gezag direct nieuwe regels op. Ze willen rust en orde. Deze regels hebben soms onvoorziene gevolgen. Zo is het voor de familie Tijmes bijna onmogelijk om alle gezinnen in de omgeving van melk te voorzien. Aaltje maakt zich zorgen om de gezinnen met kleine kinderen die niet vaak genoeg melk ontvangen. ‘Mijnheer de nood is op het hoogst’ schrijft ze. Of de familie Tijmes van het MG een vervoermiddel aangewezen heeft gekregen is onbekend. Wel weten we dat Aaltje één van de velen was voor wie de regels van het MG voor problemen zorgden.

Bronvermelding

Geraadpleegde archieftoegangen

Voor informatie over de regels ingesteld door het Militair Gezag

  • Toegangsnummer 0145, Districts Militair Commissaris Assen;
  • Inventarisnummer 6, Correspondentie van P.M.C aan D.M.C en van D.M.C met D.M.C   april tot juni 1945.

De brief van Aaltje Tijmes

  • Toegangsnummer 0146, Districts Militair Commissaris Emmen 1945;
    Inventarisnummer 6, Correspondentie inzake zuiveringen rijksinstellingen.

Leestips

  • Brand de Boer, Johan en Willem Jonkman, Militair Gezag in Groningen. Assen: Van Gorcum, 1990.