Spring naar inhoud

Jaarrekening

6.1 Balans per 31 december 2023

ACTIVA   12-31-2023   12-31-2022   PASSIVA   12-31-2023   12-31-2022
             
                     
VASTE ACTIVA           VASTE PASSIVA        
Materiële vaste activa           Algemene reserve    157.736     157.736 
Investeringen met economisch nut    205.439     193.488    Bestemmingsreserves    163.792     137.839 
TOTAAL VASTE ACTIVA    205.439     193.488    Resultaat boekjaar    5.336-    25.953 
                 316.191     321.527 
                     
VLOTTENDE ACTIVA           Voorzieningen    881.302     746.569 
Vorderingen           TOTAAL VASTE PASSIVA    1.197.493     1.068.097 
BNG schatkistbankieren    766.120     746.997             
Debiteuren    32.692     6.855    VLOTTENDE PASSIVA        
Subsidieverstrekkers    114.456     93.464    Langlopende leningen        
     913.268     847.316    Lening BNG    12.500     25.000 
Liquide middelen                    
Bankrekeningen    277.436     326.593    Kortlopende schulden        
Kasgelden    2.174     862    Crediteuren    49.309     153.614 
     279.610     327.456    Belastingen en premies    133.492     78.862 
Overlopende activa           Overige tegoeden    10.854     14.645 
Nog te ontvangen bedragen    47.642     8.246    Overlopende passiva    79.992     76.328 
Vooruitbetaalde kosten    50.181     52.541    Aflossing Lening BNG    12.500     12.500 
     97.822     60.787         286.146     335.950 
                     
TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA    1.290.700     1.235.558    TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA    298.646     360.950 
                     
Balanstotaal    1.496.139     1.429.046    Balanstotaal    1.496.139     1.429.046 
                     

6.2 Overzicht van baten en lasten

    Realisatie Begroting % realisatie Realisatie
BATEN   2023 2023 tov begroting 2022
Structurele baten          
  Bijdrage Rijk  1.911.307   1.762.618  108%  1.769.278 
  Bijdrage Rijk transitiegelden  50.000   50.000  100%  159.091 
  Bijdrage gemeente Assen  137.444   126.900  108%  127.228 
  Aanvulling budget depothuur gem. Assen  30.000   30.000  100%  30.000 
  Bijdrage provincie Drenthe  501.136   481.129  104%  477.058 
  Bijdrage e-depot  181.881   264.482  69%  181.881 
Totaal    2.811.768   2.715.129  104%  2.744.536 
           
Overige opbrengsten          
  Collectiebeheer (depotverhuur)  5.537   5.500  101%  5.726 
  Publieksactiviteiten  37.588   45.500  83%  41.571 
  Zakelijke dienstverlening  40.757   50.000  82%  69.386 
  Projecten  113.798   69.522  164%  84.683 
Totaal    197.679   170.522  116%  201.366 
           
TOTAAL BATEN    3.009.447   2.885.651  104%  2.945.901 
           
LASTEN          
Personeelskosten          
  Salarissen vast  1.852.888   1.659.025  112%  1.452.040 
  Tijdelijk personeel  142.245   209.062  68%  179.636 
  Overige personeelskosten  54.077   48.648  111%  60.928 
Totaal    2.049.210   1.916.735  107%  1.692.603 
           
Directe kosten          
  Collectie en archieven  88.861   71.000  125%  110.421 
  Digitale diensten  95.906   77.541  124%  99.089 
  Publieksactiviteiten  26.539   35.000  76%  30.719 
  Projecten  51.672   54.100  96%  67.435 
  Doorontwikkelen Drents Archief 3.0  -   45.000  0%  105 
Totaal    262.978   282.641  93%  307.769 
           
Indirecte kosten          
  Huisvestingskosten  408.007   363.200  112%  364.695 
  Depothuur GA (incl. exploitatiekosten)  30.000   30.000  100%  30.000 
  Dotatie reserves  145.000   145.000  100%  304.091 
  ICT kosten  62.266   48.573  128%  67.247 
  Organisatiekosten  60.054   76.500  79%  116.726 
  Kapitaallasten  59.375   78.002  76%  64.144 
Totaal    764.702   741.275  103%  946.902 
           
Diverse baten en lasten    62.107   10.000  621%  27.221 
           
TOTAAL LASTEN    3.014.783   2.930.651  103%  2.920.053 
           
Saldo van baten en lasten    5.336-  45.000-    25.848 
           
  Onttrekking bestemmingsres.doorontw. DA 3.0  -   45.000     105 
  Totaal mutaties bestemmingsfonds en -reserve  -   45.000     105 
           
Resultaat    5.336-    25.953 

6.3 Resultatenanalyse 2023

Het resultaat, afgezet tegen de begroting conform het overzicht van baten en lasten, wordt gevormd door een resultatenanalyse.

Resultatenanalyse

Hogere structurele baten 96.639
Hogere overige opbrengsten 27.157
Hogere personeelskosten -132.475
Lagere directe kosten 19.663
Hogere indirecte kosten -23.427
Hogere diverse baten 52.107
Verschil saldo voor onttrekking reserve tov begroting 39.664

Structurele baten
De structurele baten zijn hoger dan begroot. De indexering van de partnerbijdragen in het verslagjaar is hoger dan begroot (8,0% in plaats van 2%).  

Overige opbrengsten 
De hogere opbrengst bij projecten compenseren de lagere opbrengsten bij Publieksactiviteiten (zoals de groepsbezoeken, het historisch vergaderen en educatie).   

Personeelskosten 
De salarislasten van vast personeel zijn in 2023 hoger dan vooraf begroot. De vaste formatie is opgehoogd met 2 fte om te kunnen voldoen aan gestelde eisen; deze zijn ingezet voor behoudswerkzaamheden en inventarisatie. Daarnaast zijn er twee tijdelijke medewerkers aangenomen voor projectwerkzaamheden. De salarisstijgingen vanuit de cao zijn hoger dan in de begroting waren opgenomen. Ook de dotatie aan de voorziening voor verlofsparen was niet begroot. In de cao 2022 is de regeling voor IKB en verlofsparen uitgebreid. Deze voorziening is ter dekking van kosten voortkomend uit het opnemen van dit verlof door medewerkers.   

Directe kosten 
De directe kosten zijn lager doordat er nog weinig kosten gemaakt zijn voor aanpassingen van de publieksruimte, zoals de entree en de kloostergang. Ook in de Digilounge en educatiekelder is vernieuwing nodig en begroot. De nodige voorbereidingen op dit vlak, zoals het aanstellen van een projectleider, het instellen van een werkgroep en oriëntatie zijn gedaan; de uitvoering en navenante kosten volgen vanaf 2024.  

Indirecte kosten 
De indirecte kosten zijn hoger dan begroot door met name tariefstijgingen, vooral bij de kosten van ICT en energie. Door uitbreiding in personeel stijgen ook andere kosten, zoals het licentiegebruik en support. De kosten van afschrijvingen zijn lager dan begroot omdat de investeringen in DAVA-apparatuur en back-up pas gedurende het jaar zijn gedaan. Daarnaast zijn enkele investeringen in de publieksruimte uitgesteld, omdat deze meegenomen worden in een project dat in 2024 van start gaat.  

Diverse baten en lasten 
Deze post is hoger dan begroot doordat er sinds 2023 weer rente berekend wordt op de spaarrekening, deze was niet begroot. Ook de teruggave van betaalde btw over het jaar 2022 viel hoger uit dan in de begroting opgenomen. 

6.4 Waarderingsgrondslagen

De toegepaste waarderingen zijn gebaseerd op de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en het Handboek Financiële Verantwoording Archieven. Waar deze voorschriften met elkaar in strijd zijn, is meestal voorrang gegeven aan de bepalingen in het BBV.  

Algemeen

De waardering van activa en passiva en de bepaling van het exploitatiesaldo berust op grondslag van de verkrijgingsprijs, tenzij anders is vermeld. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. 

De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Dit betekent dat baten worden opgenomen wanneer ze gerealiseerd zijn en lasten wanneer ze voorzienbaar zijn. 

Rechtmatigheidsverantwoording 
De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat:  

  • De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet; 
  • De financiële rechtmatigheid het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: 
    • Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 8 december 2023 door het algemeen bestuur is vastgesteld; 
    • Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderschrijdingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het bestuur zijn gemeld.  
    • Ten aanzien van het M&O criterium is de nota M&O leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.  
  • De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2023 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening. Dit betekent dat:
    • Een verantwoordingsgrens van 3% (zijnde € 87.320) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen;
    • Een rapporteringstolerantie van € 87.320 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.

Materiële vaste activa 
Vaste activa kunnen worden verkregen uit eigen middelen of uit middelen van derden die door middel van sponsoring of schenking daartoe zijn verkregen. 

Vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs (verminderd met eventuele bijdragen van derden). Hierop zijn de afschrijvingen in mindering gebracht. De afschrijvingen zijn berekend volgens het lineaire systeem waarbij de voorgeschreven afschrijvingstermijnen in de financiële verordening in acht worden genomen. De afschrijvingstermijnen in de financiële verordening zijn gebaseerd op de verwachte gebruiksduur per activagroep. Met afschrijven wordt begonnen wanneer het actief beschikbaar is voor het beoogde gebruik. De afschrijving wordt beëindigd bij buitengebruikstelling of wanneer het actief is gedesinvesteerd.  

Voor de classificatie van de materiële vaste activa is gebruik gemaakt van een bij de bedrijfsvoering passende indeling in plaats van de indeling die het BBV voorschrijft. 

Vlottende activa 
Vlottende activa worden geactiveerd overeenkomstig de voorschriften in het Handboek Financiële Verantwoording Archieven. 

Vorderingen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde onder aftrek van een voorziening voor eventuele oninbaarheid. Overige vorderingen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. Onder de vorderingen is vanaf 2017 de Uitzettingen in ‘s Rijks schatkist korter dan één jaar (BNG schatkistbankieren) opgenomen.  

Onder de vlottende activa is opgenomen de toegekende nog te ontvangen meerjarige projectsubsidie. Deze projectsubsidie wordt als vordering in de balans opgenomen en valt vrij in de exploitatierekening zodra projectkosten overeenkomstig deze subsidie worden gemaakt. 

Overlopende activa 
Onder overlopende activa worden nog te ontvangen bedragen, onder andere rente van de spaarrekening en vooruitbetaalde kosten zoals de kosten van de subsidieaanvraag opgenomen.  

Liquide middelen 
De liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.  

Eigen Vermogen 
Het eigen vermogen betreft saldi uit exploitatieoverschotten (en tekorten) uit voorgaande jaren. Ook opgenomen onder het eigen vermogen zijn bestemmingsreserves. 

Voorzieningen 
Voorzieningen worden gevormd wegens:

  • Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is doch redelijkerwijs is in te schatten;
  • Op de balansdatum bestaande risico’s ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is in te schatten;
  • Kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt mits het maken van die kosten zijn oorsprong vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren. 

Voorzieningen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. 

Daarnaast worden de van derden (niet zijnde Europese en Nederlandse overheidslichamen) verkregen middelen (doeluitkeringen en projectsubsidies) die niet of slechts gedeeltelijk in een boekjaar zijn aangewend, opgenomen onder de voorzieningen. Het in een boekjaar niet bestede deel van toegekende subsidies en bijdragen, wordt rechtstreeks gedoteerd aan de voorzieningen. In het jaar dat de voorziening geheel of gedeeltelijk wordt aangewend, valt het aangewende bedrag vrij ten bate van de exploitatierekening. De hiermee samenhangende kosten komen ten laste van de exploitatierekening.  

Hiermee is voor wat de indeling van de voorzieningen betreft aangesloten bij de bepalingen in het BBV, maar is voor wat de verwerking van mutaties betreft aangesloten bij de verwerkingswijze zoals het Handboek Financiële Verantwoording Archieven deze voorschrijft. 

Schulden 
Zowel de langlopende als de kortlopende schulden zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. De langlopende schulden omvatten de langlopende geldleningen verminderd met de aflossingen voor het lopende boekjaar. De kortlopende schulden (looptijd korter dan 1 jaar) omvatten de crediteuren, de overlopende passiva en de aflossingen voor het komende boekjaar. 

Voor de classificatie van de schulden is gebruik gemaakt van de indeling volgens het Handboek Financiële Verantwoording Archieven. Hierbij is dus afgeweken van de specifieke indeling zoals het BBV die voorschrijft.  

Geprognosticeerde balans en EMU-saldo 
De geprognosticeerde balans en het EMU-saldo zijn niet opgenomen in dit jaarverslag, omdat deze het inzicht niet ten goede komen. 

Resultaatbepaling 
Het resultaat wordt bepaald met inachtneming van de hierboven vermelde waarderingsgrondslagen. 

6.5 Toelichting op de balansposten

Materiële vaste activa

  12-31-2023 12-31-2022  
Materiële vaste activa  
Inventaris en bedrijfsinrichting      
Boekwaarde per 01-01  193.488   217.558   
Bij: Investeringen met economisch nut  69.834   38.311   
       
Af: Investeringen eenmalig gesubsidieerd in boekjaar      
Desinvestering in boekjaar      
Afschrijvingen  57.883   62.381   
Boekwaarde per 31-12  205.439   193.488   

Zie voor verloopoverzicht bijlage 2, MVA

In 2023 is geïnvesteerd in vernieuwing van de back-up omgeving. Daarnaast zijn de complete DAVA-werkstations vervangen. De afgelopen jaren was weinig onderhoud gepleegd of vervangen, waardoor deze investering in de gespecialiseerde filmapparatuur noodzakelijk was. Ten opzichte van de investeringsbegroting zijn de investeringen in de herinrichting van de publieksruimte uitgesteld; deze worden meegenomen in het project herinrichting, welke in 2024 van start gaat. De afschrijvingstermijnen van de MVA die gehanteerd worden zijn: inventaris en bedrijfsinrichting 10 jaar, IT/ICT 3-5 jaar, depotinrichting 15-25 jaar en inrichting publieksruimte 10 jaar.  

Vorderingen

Vorderingen 2023 2022  
Uitzettingen in Rijks schatkist korter dan een jaar (BNG schatkist)  766.120   746.997   
Debiteuren  32.692   6.855   
Toegekende subsidie tbv project Drentse soldaten in de Grande Armee  25.500   -   
Toegekende subsidie tbv project Erfgoedstarter  40.000   -   
Toegekende subsidie tbv project WOII  4.552   38.757   
Toegekende subsidie tbv project ontsluiting BP archieven  44.404   49.338   
Toegekende subsidie tbv project Opa en omadagen  -   4.000   
Toegekende subsidie tbv project Leven in Assen tijdens de oorlog  -   1.369   
   913.268   847.316   

Uitzettingen in Rijks schatkist
In het kader van schatkistbankieren houdt het Drents Archief een rekening aan bij de BNG. 

Toegekende subsidie Drentse soldaten in de Grande Armée 
Het project Drentse soldaten in de Grande Armee is in 2021 opgestart en bevindt zich in de uitvoerende fase. Een aantal organisaties heeft hiervoor een bijdrage toegezegd. In 2023 is door het Dutch Culture Matching Fund een bijdrage toegekend.  

Toegekende subsidie Erfgoedstarter 
Het Mondriaanfonds heeft een subsidie toegekend voor het in dienst nemen van een Erfgoedstarter. Deze starter op de arbeidsmarkt wordt binnen de organisatie de mogelijkheid geboden om relevante werkervaring op te doen.  

Toegekende subsidie Tweede Wereldoorlog 
Het project WO2 is in 2019 gestart en in 2023 afgerond. Een groot aantal organisaties heeft daarvoor een bijdrage toegezegd. De bijdrage van het Fonds voor Cultuurparticipatie wordt ontvangen wanneer de eindverantwoording is ingediend. Daarvoor moet een bepaald aantal leerlingen het programma hebben gevolgd. Vanwege corona ligt dit achter op schema, maar zal uiterlijk 2024 behaald zijn.   

Toegekende subsidie ontsluiting BP-archief 

Voor de ontsluiting van het Badan Persatuan-archief (BP) heeft het Drents Archief in 2022 een subsidie ontvangen van het ministerie van VWS (subsidieregeling collectieve erkenning Indisch en Moluks Nederland). Dit project loopt van 2022 tot en met 2025. Een deel van deze middelen is reeds ontvangen. Het restant zal de komende jaren bevoorschot worden. 

Liquide middelen

Liquide middelen 2023 2022  
Rabobank rekening courant  77.434   326.592   
Rabobank spaarrekening  200.001   1   
Kas  2.174   862   
Kruisposten  -   -   
   279.610   327.456   

Alle liquide middelen staan ter onmiddellijke beschikking, behalve de gelden bestemd vanuit het Drents Heraldisch College. Deze staan niet ter vrije beschikking. Voor het Drents Archief geldt een drempelbedrag voor het schatkistbankieren van € 1.000.000,-. Het gemiddelde bedrag per kwartaal welke is aangehouden buiten de schatkist bedraagt € 347.490,-.  

Overlopende activa

Overlopende activa 2023 2022  
Nog te ontvangen bedragen  47.642   8.246   
Vooruitbetaalde kosten  50.181   52.541   
   97.822   60.787   

Nog te ontvangen bedragen
Dit betreft nog te ontvangen opbrengsten van zakelijke dienstverlening, projectopbrengsten, voorgeschoten kosten en rentebaten. Deze hebben allemaal betrekking op 2023. 

Vooruitbetaalde kosten 
Dit zijn vooruitbetaalde contracten voor licenties, verzekeringen, abonnementen en onderhoudscontracten. Alle hebben betrekking op 2024. 

 

Passiva

  Saldo 1-1-2023   Toevoeging   Onttrekking   Saldo 31-12-2023
Algemene reserve              
Algemene reserve  157.736             157.736 
               
Bestemmingsreserves              
Doorontwikkeling Drents Archief 3.0  137.839     25.953         163.792 

Algemene reserve 

De algemene reserve is bedoeld om financiële tegenvallers te kunnen opvangen. Daarnaast dient de reserve als financieel dekkingsmiddel voor besluiten die niet zijn opgenomen in de begroting en het meerjarenbeleidsplan.  

Bestemmingsreserve doorontwikkeling Drents Archief 3.0
In 2011 is een bestemmingsreserve doorontwikkeling Drents Archief 3.0 gevormd. Het doel van deze reserve is de verdere doorontwikkeling en het up-to-date houden van de publieksfaciliteiten Drents Archief 3.0. Het plan was om in 2023 de publieksruimte aan te passen, zoals de entree en de Kloostergang. Ook in de Digilounge en educatiekelder is vernieuwing nodig. De nodige voorbereidingen op dit vlak zijn gedaan, de uitvoering volgt vanaf 2024.   

Voorzieningen

Voorzieningen Saldo 1-1-2023   Toevoeging   Onttrekking   Saldo 31-12-2023
Project Drentse soldaten in de Grande Armee  27.500     25.500     20.000     33.000 
Project Ontsluiting BP Archief  59.205     -     37.043     22.162 
Project Koloniën van Weldadigheid  -     19.100     4.100     15.000 
Project Mediawijs met Sigismund  -     31.031     -     31.031 
Project Erfgoedstarter  -     40.000     10.909     29.091 
Project Verhaal van Drenthe  3.169     -     3.169     - 
Project WO2  4.311     -     4.311     - 
Project Leven in Assen tijdens de oorlog  6.904     -     6.904     - 
Project Webapplicatie Koloniewoningen  5.533         5.533     - 
Project Provinciale fotodienst  2.451     -     2.451     - 
Voorziening Personele kosten  80.617     -     -     80.617 
Voorziening Transitiegelden OCW  159.091     50.000     36.502     172.589 
Voorziening Spaarverlof  10.752     24.235     -     34.988 
Voorziening groot onderhoud  387.034     95.000     19.211     462.824 
   746.569     284.866     150.134     881.302 

Drentse soldaten in de Grande Armee 
In 2022 is er subsidie geworven om dit internationale project in samenwerking met Garage TDI, Chronoscoop film, de Rijksuniversiteit Groningen en partners in België en Frankrijk uit te gaan voeren. De provincie Drenthe, de gemeente Assen, Zabawas, het Hendrik Mullerfonds, het Claas van Gorcumfonds en het Dutch Culture Matching Fund hebben een bijdrage hiervoor toegekend. In 2023 is gestart met de documentaire, het boek en een educatief project.    

Ontsluiting BP-archief 
In 2022 heeft het Drents Archief een subsidie ontvangen van het ministerie van VWS in het kader van de subsidieregeling collectieve erkenning Indisch en Moluks Nederland. Deze subsidie is bestemd voor de ontsluiting van het Badan Persatuan-archief (BP). In 2023 is iemand gevonden die het Maleis beheerst en kan helpen bij de inventarisatie van het archief, waardoor het project van start kon gaan. 

Koloniën van Weldadigheid 
De provincie Drenthe heeft subsidie toegekend voor Verhalen uit de Koloniën, waarbij informatie van schrijver Wil Schackmann over de Koloniën van Weldadigheid gebruikt wordt (website, podcast). In 2023 is een medewerker aangetrokken die met dit project aan de slag is gegaan.  

Mediawijs met Sigismund  
Voor de vernieuwing van de educatiekelder en een bijbehorend nieuw lesprogramma heeft de provincie Drenthe projectsubsidie toegekend. Dit project kent enige vertraging in verband met wisseling in projectleiding en moeizame fondsenwerving. In 2023 is het weer opgepakt. Er is bij collega-instellingen georiënteerd op mogelijke nieuwe invulling van de educatieruimte en er zijn gesprekken gevoerd met ontwikkelaars. 


Erfgoedstarter 
Het Mondriaanfonds heeft in 2023 een subsidie toegekend voor het in dienst nemen van een Erfgoedstarter. Deze starter op de arbeidsmarkt wordt binnen de organisatie de mogelijkheid geboden om relevante werkervaring op te doen.  

Het Verhaal van Drenthe 
Dit betreft subsidie die is toegekend door de provincie Drenthe voor uitbreiding van geheugenvandrenthe.nl. In de verslagperiode is vooral gewerkt aan planvorming voor digitalisering van de tijdschriften van historische verenigingen in Drenthe en plaatsing op geheugenvandrenthe.nl.  

Tweede Wereldoorlog 
In 2019 is gestart met het project WO2. Dit project bestaat uit diverse onderdelen, zoals diverse publieksactiviteiten, het produceren van twee podcasts, WO2 in 50 foto’s en een vernieuwend educatieproject. Diverse organisaties en fondsen droegen hieraan bij. In 2023 zijn de laatste verbeteringen aan het educatieprogramma Het oorlogsdagboek van Drenthe gedaan. Het project is daarmee afgerond. 

Leven in Assen tijdens de oorlog 
In 2021 is subsidie ontvangen van het Mondriaanfonds voor het digitaliseren en ontsluiten van diverse bronnen die informatie geven over het dagelijkse leven in de oorlog in Assen. In 2023 is het laatste deel van deze subsidie aangewend. 

Webapplicatie Koloniewoningen 
Voor de ontwikkeling van een webapplicatie Koloniewoningen heeft de provincie Drenthe subsidie toegekend. De voorbereiding en eerste opzet is in 2022 gedaan, in 2023 is dit project opgeleverd.   

Provinciale fotodienst 
In 2022 is subsidie ontvangen van de provincie Drenthe voor het tweede deel van het ontsluiten van het provinciaal fotoarchief. Dit bedrag is in 2023 volledig aangewend.  

Personele kosten 
In 2020 is een arbeidstraject met een medewerker afgerond. Deze voorziening is getroffen om de kosten van de afgesloten overeenkomst en uitkeringen te kunnen dekken. Wegens ziekte zijn er in 2023 geen onttrekkingen geweest.  

Transitiegelden OCW 

Vanaf 2022 worden er door het ministerie van OCW jaarlijks extra middelen ter beschikking gesteld aan alle RHC’s die zij kunnen aanwenden voor versterking van de digitale archieffunctie. Dit omdat de RHC’s vanwege de aanstaande uittreding van het Rijk geen gebruik meer kunnen maken van de e-depotvoorziening van het Nationaal Archief. Deze middelen worden gedoteerd aan een voorziening transitiekosten. Deze voorziening zal gebruikt worden om de komende jaren diverse zaken op het gebied van e-depot, e-producten, e-diensten en digitalisering te bekostigen. Na vijf jaar stopt deze overbruggingstoelage.  

Spaarverlof 

De regeling voor IKB en verlofsparen zijn in de cao 2022 van het Rijk uitgebreid. De medewerker heeft de mogelijkheid om meer en langer te sparen. Dit kan oplopen tot maximaal 3600 uren verlof. Deze uren verjaren niet. De dotatie aan de voorziening spaarverlof is ter dekking van kosten voortkomend uit het opnemen van dit verlof door medewerkers.   

Groot onderhoud 
Met ingang van 2019 is het onderhoud van het pand aan de Brink 4 te Assen overgedragen van het Rijksvastgoedbeheer (RVB) aan het Drents Archief.  Dit was eerst als pilot voor de duur van drie jaar. In 2021 is een evaluatie hiervan gedaan. Besluitvorming naar aanleiding van de evaluatie liet op zich wachten, maar dit wordt in 2024 weer opgepakt en afgerond. Door de overheveling is er een voorziening voor groot onderhoud getroffen. Het doel van deze voorziening is de kosten van het groot onderhoud evenredig over de jaren te kunnen verdelen. Aan deze voorziening ligt een meerjarenonderhoudsplanning ten grondslag.  

Langlopende lening

Langlopende lening 2023   2022
Saldo 01-01  37.500     50.000 
Bij: Aangetrokken leningen      
Af: Aflossingen -12500   -12500
Saldo 31-12  25.000     37.500 
Waarvan kortlopend deel  12.500     12.500 

De lening is in 2005 afgesloten ter financiering van de aanschaf van verrijdbare depotstellingen en de noodzakelijke aanpassingen hiervoor. De looptijd is tot 2026. De rentelast van de vaste schulden van het afgelopen verslagjaar bedraagt € 1.491,-. 

Kortlopende schulden

Kortlopende schulden 2023   2022
Crediteuren  49.309     153.614 
Belastingen en premies  133.492     78.862 
Overige tegoeden  10.854     14.645 
Overlopende passiva  79.992     76.328 
Aflossing lening  12.500     12.500 
Saldo 31-12  286.146     335.950 

Crediteuren
De post crediteuren is ten opzichte van het vorig jaar gedaald. Dit heeft te maken met het feit dat aan het eind van het vorig jaar een groot deel van de ICT-investeringen plaatsvond. 

Overige tegoeden 
In 2018 is de stichting Drents Heraldisch College ontbonden. De eigendommen met verantwoordelijkheid voor het beheer daarvan zijn aan het Drents Archief overgedragen. De middelen zijn overgemaakt op de rekening van het Drents Archief. Daarnaast omvat deze post de afwikkeling van een nalatenschap, waarbij het Drents Archief in 2023 een geldelijke schenking ontving. Het penvoerderschap van de Drentse Cultuur Academie, wat het Drents Archief sinds 2018 uitvoerde, is in 2023 overgeheveld aan Kits Primair.   

Overlopende passiva 
Deze post bevat onder andere nog te betalen kosten die betrekking hebben op het verslagjaar. Hierbij gaat het om kosten van collectie en archieven, projecten, personeel en accountantskosten. 

Niet in de balans opgenomen verplichtingen 
Er zijn meerjarige contracten afgesloten voor energie-inkoop, licentie-overeenkomsten voor software, leasecontracten voor kopieer- en printapparatuur en het huurcontract voor het pand te Assen tussen het Rijksvastgoedbedrijf en het Drents Archief. 

Gebeurtenissen na balansdatum 
Niet van toepassing.

6.6 Toelichting overzicht van baten en lasten

Met het overzicht van baten en lasten wordt de realisatie over 2023 samen met de begroting en de realisatie over het vorig jaar gepresenteerd. Het saldo van baten en lasten wordt afgesloten met een negatief resultaat van € 5.336,-.  

Baten

Structurele baten
De structurele baten zijn hoger dan de begroting. In de begroting was rekening gehouden met een indexering van de partnerbijdragen van 2% van het Rijk en de gemeente Assen. De indexering in het verslagjaar is hoger dan voorgaande jaren (8,0%).  

Sinds 2022 kunnen de RHC's in verband met de in 2025 geplande uittreding van het Rijk geen gebruik meer maken van de samen met het Nationaal Archief ontwikkelde landelijke e-depotvoorziening. Ter compensatie worden er tijdelijk (tot 2027) extra middelen ter beschikking gesteld die de RHC’s kunnen aanwenden voor versterking van de digitale archieffunctie. Deze compensatiegelden (voor het Drents Archief in 2023 € 50.000,-) worden gedoteerd aan de voorziening Transitiekosten OCW

Naast de reguliere bijdrage heeft de gemeente Assen ook in 2023 een bijdrage toegekend van € 27.008,- vanwege de dienstverlening inzake de bouwdossiers van de gemeente.  

De bijdrage van de provincie betreft zowel de subsidie voor culturele doelstellingen als de dienstverleningsovereenkomst (DVO) voor archieftaken. Deze DVO loopt tot en met 2024 en is inclusief prijsindexering voor de gehele periode. De subsidiebijdrage wordt wel jaarlijks geïndexeerd. Daarnaast heeft de provincie Drenthe voor 2023 incidenteel subsidie verleend ter compensatie voor gestegen kosten in 2023. Het gaat hierbij om een bedrag van € 18.000,-.  

De bijdragen voor de pilot het Drentse e-depot zijn lager dan begroot. In 2021 is de pilot van start gegaan met de provincie Drenthe en de gemeenten Emmen, Meppel en Borger-Odoorn. In de begroting voor 2023 was rekening gehouden met meer (zes) deelnemers. Echter in de loop van het voorgaande jaar werd duidelijk dat er pas vanaf 2024 weer ruimte en capaciteit is voor nieuwe deelnemers.   

Overige opbrengsten
We merken dat de inkomsten uit publieksactiviteiten, zoals het historisch vergaderen, de groepsbezoeken en educatie weer bijna op het niveau van de begroting zijn. Langzamerhand beginnen alle groepen ons gebouw weer terug te vinden.    

De opbrengsten uit zakelijke dienstverlening bestaat uit een aantal opdrachten. Zo is in 2023 het onderzoek naar Joodse eigendommen dat we voor de gemeente Aa en Hunze uitgevoerd hebben, afgerond. Ook de opdracht op het gebied van archiefbewerking voor de Vereniging van Drentse Gemeenten is uitgevoerd en gereed. Daarnaast heeft de archivaris het afgelopen jaar werkzaamheden verricht voor de GGD-VRD en het Waterschap Drents Overijsselse Delta. 

De opbrengsten uit projecten zijn hoger dan vooraf begroot. Dit heeft te maken met het feit dat projectsubsidies niet in de begroting worden opgenomen, omdat deze bij het opstellen van de begroting nog niet (definitief) bekend zijn. Tegenover deze projectsubsidies staan directe kosten en salarislasten van tijdelijke medewerkers. Dit betreft de projecten Erfgoedstarter, Ontsluiting BP-Archief, Drentse soldaten in de Grande Armee, Leven in Assen tijdens de oorlog, Verhalen uit de Koloniën, Provinciale fotocollectie, de Tweede Wereldoorlog, Geheugen van Drenthe, Webapplicatie koloniewoningen. Al deze projecten konden op veel financiële steun van diverse subsidieverstrekkers rekenen. 

Lasten

Personeelskosten 

De realisatie van de salarislasten is hoger dan begroot. Alle vacatures zijn vervuld, daarnaast is er extra personele inzet geweest. Voor twee nieuwe projecten zijn tijdelijke medewerkers aangenomen, hier staan opbrengsten tegenover. Door invulling te geven aan de notitie Hoe gaan we om met ontoegankelijke delen van onze collectie – de Basis op orde van december 2022 is de formatie structureel uitgebreid. Uitbreiding van uren vond plaats bij het team Behoud en er werd een medewerker Inventarisatie aangenomen. Tevens is aan ziektevervanging gedaan, hier is geen structureel budget voor beschikbaar.  

In de cao is de regeling voor IKB en verlofsparen uitgebreid. Een medewerker heeft de mogelijkheid om veel meer en langer te sparen. Verlofuren verjaren niet meer. De dotatie aan de voorziening Spaarverlof is ter dekking van kosten voortkomend uit het opnemen van dit verlof door medewerkers. Deze was niet begroot.  

In 2022 is er een akkoord over de cao Rijk gesloten, met een looptijd tot en met 30 juni 2024. Dit betekende voor 2023 een loonsverhoging van 3% en een eenmalige bruto uitkering van € 450 per 1 april 2023.  

De inhuur van tijdelijk personeel is lager dan begroot. Projectmedewerkers zijn op de loonlijst gekomen in plaats van extern ingehuurd. Dit scheelde in de kosten. Daarnaast is een zakelijke dienstverlening (e-depot) niet doorgegaan, dus hiervoor is ook geen personeel ingezet.  

Publicatie bezoldiging topfunctionarissen 
Op grond van de wet Normering bezoldiging topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector (WNT) dienen publieke organisaties de inkomens van haar topfunctionarissen te publiceren. Hierna volgt het overzicht (over 2023 en 2022) van het inkomen van de directeur en de vacatieregeling van het Dagelijks en Algemeen Bestuur. Het voor het Drents Archief toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2023 € 223.000,-. De vergoeding van de directeur blijft onder de jaargrens van de WNT in 2023.  

C.M. Rodenburg, directeur

  Duur dienstverband Omvang dienstverband Beloning Belastbare kostenvergoeding Voorziening betaalbaar op termijn (pensienpremie) Beëindigingsuitkering Jaarbeëindiging
2023 Onbepaald Fulltime € 120.467 € 1.029 € 19.535 € 0 n.v.t.
2022 Onbepaald Fulltime € 113.224 € 526 € 21.501 € 0 n.v.t.

De bestuursleden ontvangen een vacatievergoeding conform het vacatiegeldenbesluit van het Drents Archief. Conform dit besluit heeft de voorzitter/rijksbestuurder en één bestuurslid respectievelijk € 201,50 en € 155,- per bijgewoonde vergadering ontvangen. Deze bezoldiging is aangevuld met een reiskostenvergoeding. De overige bestuursleden maken geen gebruik van de vacatieregeling. 

Bestuursleden algemeen- en dagelijks bestuur kalenderjaar 2023

Naam Beloning Belastbare kostenvergoeding Belastbare reiskosten Overige belastbare kostenvergoeding Termijn
M.J.M. Hoogeveen € 0  € 1.707       
J. Seton € 0        
M.L.J. Out € 0        
H. Hartog € 0 310 € 66    
B.J. ten Oever € 0        

Bestuursleden algemeen- en dagelijks bestuur kalenderjaar 2022

M.J.M. Hoogeveen € 0  € 1.951       
J. Seton € 0        
M.L.J. Out € 0        
H. Hartog € 0 € 620 € 20    
B.J. ten Oever € 0       vanaf 22 juni 2022
B. Bergsma € 0       tot 21 juni 2022

Directe kosten 
De kosten van collectie & archieven en digitale diensten zijn hoger dan begroot. De kosten van software (voor onder andere onze collectiebeheersystemen) waren hoger dan begroot; met name tariefstijgingen bij de leveranciers en uitbreiding in aantal gebruikers zijn hier de reden van. Daarnaast was er in de begroting geen rekening meer gehouden met kosten voor AlleDrenten.nl. Deze database wordt geïntegreerd in onze vernieuwde website, maar hierbij lopen we tegen onvoorziene problemen in functionaliteit van de website aan waardoor het meer tijd kost om dit goed te regelen.  

Ook de forse opknapbeurt van alle DAVA-apparatuur vanwege achterstallig onderhoud zorgt voor een opdruk van de kosten.  

In 2022 is gestart met de restauratie van een groot aantal bijzondere atlassen en boeken uit onze bibliotheek. Dit zorgt voor een toename van de bibliotheekkosten. Hiertegenover staat een bijdrage van de stichting Boek en Wurm.  

De geplande aanpassingen in het kader van de doorontwikkeling Drents Archief 3.0 zijn het afgelopen jaar voorbereid. Het gaat om aanpassingen in de publieksruimtes, zoals de entree, Digilounge, educatieruimte en de Kloostergang. Na deze aanpassingen moeten bezoekers nog meer verleid worden binnen te komen en de Digilounge te bezoeken. De Kloostergang kan beter benut worden door een andere indeling en verbetering van de akoestiek. Ook de educatieruimte (Sigismund kelder) is na twaalf jaar intensief gebruik toe aan een update. Deze update zal worden ingebed in een nieuw educatieprogramma Mediawijs met Sigismund, wat zich richt op het belang van het omgaan met en bewaren van digitale informatie. De uitvoering en kosten vinden vanaf 2024 plaats.  

Indirecte kosten 
De huisvestingskosten liggen hoger dan de begroting en vorig jaar. De kosten van energie zijn fors gestegen (80% ten opzichte van begroting en vorig jaar). Er is enerzijds sprake van hogere kosten per m3/kW. Tevens is per 1 januari 2023 de btw op energie weer terug naar 21%. Hiermee is in de begroting geen rekening gehouden, waardoor de huisvestingkosten nu veel hoger uitkomen.  

De dotaties aan de voorzieningen groot onderhoud en transitiekosten OCW zijn conform begroting. Aan de voorziening groot onderhoud ligt het meerjarenonderhoudsplan ten grondslag, welke de basis is voor de dotatie. Deze is vorig jaar bijgesteld. De voorziening transitiekosten OCW is vanaf begin 2022 getroffen. Deze dekt de toenemende kosten op het gebied van e-depot, e-producten en e-diensten en digitalisering de komende jaren. We ontvangen hiervoor tijdelijk extra middelen van het Rijk. 

De kosten van ICT zijn hoger dan begroot. Dit heeft te maken met tariefstijgingen bij leveranciers en uitbreiding van medewerkers (en navenant licenties en werkplek inrichting). Daarnaast is er door de gepleegde investeringen in DAVA en de back-up extra ICT-support geweest in 2023.  

De organisatiekosten zijn lager dan begroot. De externe inhuur voor juridische ondersteuning op het gebied van e-depot en voor het automatiseren en optimaliseren van diverse processen in de organisatie konden ten laste van de voorziening Transitiekosten OCW gebracht worden.  

De kapitaallasten zijn lager dan begroot. De geplande investeringen zijn later in het jaar uitgevoerd.  De investeringen in de publieksruimte worden uitgesteld, deze worden meegenomen in het project van de herinrichting van de publieksruimte. In 2023 is hiervoor een nieuwe projectleider aangetrokken. Aan de hand van de uitkomsten van het project zal hiervoor een (aangepaste) investeringsbegroting opgesteld worden. Beide zorgen voor een daling bij de afschrijvingslasten in 2023.  

Diverse baten en lasten 
Deze post is hoger dan begroot doordat de berekening van de teruggaaf van betaalde btw over het jaar 2022 hoger uitkwam. Deze post wordt behoudend begroot. Daarnaast ontvingen we in 2023 voor het eerst in jaren weer rente op de spaarrekeningen.  

Verantwoording Rechtmatigheid

De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het algemeen bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het algemeen bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het algemeen bestuur op 8 december 2023 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. 

Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door de raad bepaald en bedraagt 3% (maximaal 3) van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 87.320. 

Bevinding 
Het bestuur is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens.   

De geconstateerde afwijkingen betreffen het begrotingscriterium. Er zijn afwijkingen geconstateerd ten aanzien van het overschrijden van het jaarlijks budget. In de jaarrekening 2023 is een overschrijding geconstateerd van €52.454 ten opzichte van de controlegrens (€87.320). De overschrijding is veroorzaakt door extra personele inzet ten opzichte van de begroting 2023. Daarnaast was er in 2023 stijging van kosten door tariefstijgingen. Hiervan is verslag gedaan in de Turap. 

6.7 Rechtmatigheid

Met ingang van boekjaar 2023 dient het dagelijks bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) zelf verantwoording af te leggen aan het algemeen bestuur over het rechtmatig tot stand komen van de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, dat wil zeggen in overeenstemming met de begroting en met de relevante wet- en regelgeving. Door de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording verschuift de verantwoordelijkheid voor het rapporteren over de rechtmatigheid van de jaarrekening van de externe accountant naar het bestuur. In deze paragraaf wordt dit onderdeel nader toegelicht.

In de bestuursvergadering van 8 december 2023 is voorgesteld om de verantwoordingsgrens op 3% te stellen. Voor het beoordelen van de rechtmatigheid binnen RHC Drents Archief is daarnaast het normenkader geformuleerd: aan welke geldende (financiële) wet- en regelgeving moet voldaan worden. Voor het beoordelen van de rechtmatigheid van 2023 is aangegeven welke interne en externe regelgeving van toepassing is voor de financiële beheersmaatregelen en in welke mate dit is. Er is aangegeven welke regelgeving meegenomen is in de toetsing en welke niet getoetst is. 2023 is het eerste jaar voor de rechtmatigheidsverantwoording. Primair is in 2023 de focus gelegd op de opzet en het bestaan van de huidige interne beheersingsmaatregelen. Aan de hand van de bevindingen van deze procesgerichte controles zullen waar nodig verbetervoorstellen voor het komende jaar worden toegepast. 

Voor wat betreft een deel van de regelgeving geldt dat deze niet meegenomen is in de toetsing van dit jaar. Dit heeft te maken met de grootte van de organisatie, waardoor er momenteel geen mogelijkheid is voor een volledig onafhankelijke control-functie. Het vergt meer tijd, middelen en mensen om dit gestructureerd uit te voeren. Daarnaast zijn een aantal regelingen gedateerd en dienen geüpdatet te worden. Voor deze normen geldt dat de rechtmatigheid niet kan worden vastgesteld. Dit geldt voor de interne regelgeving: het Bestuursreglement, de Mandaatregeling, het Mandaatbesluit financiële lening, de Nota reserves en voorzieningen, de Bruikleenovereenkomst (personeel) en het handboek AO. Voor de externe regelgeving gaat het om Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr), de Archiefwet, Handboek financiële verantwoording Rijksarchieven, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (BADO),  Fiscale- en sociale wetgeving, Wet Werk en Zekerheid, Wet Arbeidsmarkt in balans (WAB), Wet Normalisering Rechtspositie Ambtenaren (WNRA), Algemene verordening gegevensbescherming (AVG), Wet Markt en Overheid en de Wet op het BTW-compensatiefonds. 

Interne regelgeving die wel getoetst is betreft de Gemeenschappelijke Regeling RHC Drents Archief, Regeling vacatiegelden bestuur, Financiële verordening, Inkoopvoorwaarden RHC Drents Archief, Treasurystatuut, Notitie financiële richtlijnen m.b.t. verantwoordelijkheden en bevoegdheden bij bestellingen en aangaan van verplichtingen. Voor wat betreft externe regelgeving gaat het om Besluit Begroting en Verantwoording (BBV), Collectieve Arbeidsvoorwaarden Rijk (CAO), Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT), Aanbestedingswet 2012, Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) en Schatkistbankieren. Bij deze toetsing geldt dat niet alle regelgeving volledig getoetst kon worden. Dat betekent dat de rechtmatigheid voor deze normen ook niet volledig zijn vastgesteld. 

Er zijn onrechtmatigheden geconstateerd. De geconstateerde afwijkingen betreft het begrotingscriterium. Er zijn afwijkingen geconstateerd ten aanzien van het overschrijden van het jaarlijks budget. In de jaarrekening 2023 is een overschrijding geconstateerd van €52.454 ten opzichte van de controlegrens (€87.320). De overschrijding is veroorzaakt door extra personele inzet ten opzichte van de begroting 2023. Daarnaast was er in 2023 stijging van kosten door tariefstijgingen. Met de rechtmatigheidscontrole door Drents Archief voor de jaarrekening 2023 is voldaan aan de verplichting voor een eigen controle op dit gebied.